Dag 8 – Stinkstad

“Alsjemenoutientgeefdakanniktankuhwabankezijpasomnegeuuropeedakrkejederdertigttrugkrijgeh”

Wie staat er nou op de deur te rammen zo vroeg? Ik draai me om: “ze zoeken het maar uit”. Tonny doet toch de deur open.

“Als jullie me nou een tientje geven dan kan ik tanken want de banken zijn pas om negen uur open en dan kan je er dertig van me terug krijgen” (vrij vertaald uit het plat NZ’s)

Tonny doet haar best om het ezeltje van Pipo te imiteren: “Nononono”, en losjes gebaseerd op Sierd: “Go away”. Slapen lukt niet meer van we horen hem ook op alle andere 15 deuren beuken met hetzelfde verhaal.

‘Wat zei ie eigenlijk ?, vraagt  Tonny nog later bij de koffie

Vandaag ie een regenachtige dag, maar dat geeft op zich niet want er staat vandaag maar één ding bop de planning. Het Maori dorp.

Na koffie en ontbijt kopen we kaartjes voor het gebeuren om 5 uur. Om te tijd te doden gaan we de stad verkennen. We gaan weer even kijken bij de kunstenaars die al dagen bezig zijn om met allerlei gereedschap een brok steen kleiner te maken. Gelukkig zijn er ook een paar die met kettingzagen boomstammen in beelden aan het transformeren zijn.

We slenteren door de stad en drinken nog een bakkie bij Robert Harris met een taartje erbij. Deze toko heeft gelukkig redelijk internet zodat we zomaar een paar foto’s van de telefoon kunnen uploaden zoals jullie gister gezien hebben. Jeuh!

We belanden in Eat Street, een overdekt stuk straat met alleen maar restaurantjes, een stuk of twintig. Er is daar vanavond ook live muziek dus dat gaan we zeker uitchecken.

We belanden ook nog in een park waar de stoom uit de vijvers komt, wat dichterbij gekomen merken dat het niet alleen maar stoom is. Ook hier is het net of moeder aarde een vat Guiness naar binnen heeft gewerkt qua gasontwikkeling net als bij de vijver bij onze camper. Helaas staan er voor de veiligheid overal hekken om heen dus de lol is er gauw af.

Nog wat slenteren en dan is het tijd om te verzamelen bij de bus om naar het Maori dorp te gaan een kwartiertje verderop. Daar schrijf ik wel een apart verhaal over…

Als we terug komen van de Maoris nemen we de moeite om alle kroegen in de stad te bekijken, allemaal uitgestorven, hmmm, beetje vroeg in het seizoen misschien. Wacht eens, in Eat Street was toch live muziek? Helaas zorgt de mooie verlichte overkapping er voor dat de hele straat de akoestiek heeft van een bushokje. Dan maar weer snel naar de Pig & Whistle (de naam heeft iets te maken met het feit dat het een oud politiebureau is), waar het weer gezellig is en weer een goede band speelt.

De Maori bassist heeft dezelfde moves als ik vindt Tonny.

Ik pap wat aan met de portiers zodat ze mijn kop kennen als ik straks een rokertje ga doen. Niet dat ik dan entree moet gaan betalen omdat het na half tien is. Ik vertel de portier over de lege concurrenten, en dat klopt, zegt ie. “Die wachten allemaal op de dronken mensen die wij er straks uit gaan gooien. ” .

Ik krijg nog een biertje van een dame, want dan hoef ik niet zolang te wachten in de rij. ” Want zo gaat dat. Ik ben Maori.”

Aangekomen bij de camper zit er in onze vijver een kikker die klinkt als een crossmotor. We slapen vannacht met de ramen en deuren potdicht.

One Reply to “Dag 8 – Stinkstad”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.